Het grote Europese ei is gelegd : op 19 oktober werd de Europese Grondwet ondertekend. De leiders van alle landen van de Europese Unie hebben hun handtekening gezet. 'Dit is een historische gebeurtenis', zegden ze. Het is een belangrijke dag in de geschiedenis van Europa. De bijeenkomst had plaats in Rome. Op dezelfde plaats werden 47 jaar geleden de eerste afspraken over een Europese Unie gemaakt. Toen dachten velen dat een unie zou mislukken.
De Europese Unie telt nu 25 lidstaten. In 1957 ondertekenden zes landen
een overeenkomst. Het waren België, Nederland, Luxemburg, Duitsland,
Frankrijk en Italië. Ze hadden afspraken gemaakt om samen economische
problemen te bespreken en op te lossen.
Economisch betekent: alles over
werk, jobs, geld verdienen, fabrieken oprichten, kopen en verkopen, enzovoort.
In 1957 was de Tweede Wereldoorlog nog maar 12 jaar geleden. Toen vochten de
Europese landen tegen elkaar. Dat mocht nooit meer gebeuren, zegden de leiders.
Een oorlog komt er als de problemen in een land te groot zijn geworden. Daarom
is het beter om ze samen te bespreken en op te lossen, voordat ze te groot
worden. Nadien kwamen er nog meer leden bij in de Unie. Sinds mei van dit jaar
zijn er 25 landen lid. Er werden ook nog andere instellingen opgericht. Niet
alleen over economie worden er nu afspraken gemaakt, maar ook over
ontwikkelingshulp, milieu, de landbouw, de rechten van de mens. In het bestuur
zitten Europese ministers en er is een Europees Parlement. Daarin zitten mensen
die door hun volk verkozen werden. In de Europese Unie werden al veel wetten en
afspraken gemaakt. De verschillende landen moeten meer rekening houden met
elkaar. Zo groeien ze naar elkaar toe. Dat vindt niet iedereen een goede
verandering. Veel mensen zouden liever hebben dat die wetten er niet zijn.
'Europa moet zich niet moeien met wat ons land wel of niet mag doen', zeggen
ze. Anderen vinden het wel een goeie verandering: 'Zo worden we een beetje
groter in de wereld.' De grondwet is een belangrijke nieuwe stap voor de
Europese Unie. Elk land heeft een grondwet. Het is de eerste en belangrijkste
wet van een land. De Europese grondwet maakt de Europese Unie nog meer tot een
geheel en brengt de landen weer wat dichter bij elkaar.
Om het half jaar krijgt de Europese Raad (deel van het bestuur) een
ander land als voorzitter. Dan is de eerste minister van dat land de
voorzitter. Dat is een moeilijke manier van werken: de voorzitter moet de
leider zijn en beslissingen nemen. Maar op een half jaar tijd kun je als leider
niet veel doen. Die tijd is te kort om ernstig werk te leveren. Daarom staat in
de nieuwe grondwet een andere regeling: er zal een vaste voorzitter komen (geen
eerste minister van een land meer), die 2,5 jaar aanblijft. In 2001 was het aan
België om voorzitter te zijn. Toen heeft onze eerste minister Verhofstadt
belangrijke beslissingen genomen om deze grondwet uit te werken. Het is mede
dankzij zijn werk dat de ondertekening er nu gekomen is. Naast een vaste
voorzitter (een soort president) zal er ook een Europese minister van
Buitenlandse Zaken komen. Die minister bestaat nu nog niet. Zo'n persoon is
belangrijk: hij kan in de andere landen van de wereld spreken in naam van
Europa. Naar zo'n minister zal beter geluisterd worden, dan naar een minister
van maar één Europees land. In de grondwet staat ook dat het
Europees Parlement meer macht zal krijgen. In een parlement zitten mensen die
verkozen werden door het volk. Zij werden in verkiezingen aangeduid.
Vandaag moeten zij erg hard hun best doen om gehoord te worden en mee de
Europese Unie te leiden. Meestal worden belangrijke beslissingen door de
ministers en andere leiders genomen in plaats van door het parlement. De nieuwe
grondwet zal daar verandering in brengen. Maar eerst moet de wet nog in de
Europese lidstaten (landen die lid zijn) zelf worden goedgekeurd. En sommigen
vrezen dat dit niet eenvoudig zal zijn. Veel mensen zouden liever hebben dat de
Europese Unie niet te veel te zeggen heeft. Vanaf 1 november 2006 moet de
nieuwe grondwet ook werkelijk worden uitgevoerd.
Akkoord
De leiders van de 25 landen van de Europese Unie moesten hun handtekening zetten. Dat gebeurde per land in alfabetische volgorde. Daardoor waren de Belgische eerste minister en de minister van Buitenlandse Zaken het eerst aan de beurt. Want een land met een A is er niet in de Unie. Met de handtekening verklaren de landen dat ze akkoord gaan met de Europese grondwet. Alle wetten die erin staan, moeten nu in alle landen worden gevolgd. Dat is een belangrijke stap in de geschiedenis van de Europese Unie. Want door de grondwet krijgt de Unie meer macht. Voordien konden de landen eigenlijk nog meer hun eigen zin doen. Dan gebeurde het wel eens dat een leider van een land zei: 'De Europese Unie wil het zo, maar wij gaan het anders doen. Want dat komt ons beter uit.' En dan kon niemand er iets tegen doen. Dat zal nu minder gauw gebeuren. Door de grondwet is ook het bestuur van de Unie verbeterd. Dat is belangrijk voor de andere landen van de wereld. Zij zullen meer rekening moeten houden met Europa.